Monitoring - aftoetsing aan de natuurdoelen voor overwinterende watervogels

Verschillende van de onderzochte gebieden blijken een belangrijk complex te vormen voor overwinterende en doortrekkende watervogels.

De Kuifeend vormt voor eenden het kerngebied, samen met de Verlegde Schijns. Een aantal aangrenzende gebieden heeft een belangrijke aanvullende en versterkende functie. Door de aanwezigheid van verschillende aangrenzende gebieden is er een gevarieerd aanbod aan plastypes, samengaand met verschillende oevertypes en graslanden. Hierdoor biedt het gebied een verscheidenheid aan rust- en foerageerbiotopen.

Het soortenspectrum van de plas van de Hoge Maey wijzigde sterk na de droogtrekking. Futen, duikeenden en Meerkoet komen er nu veel minder voor, maar Wintertaling, Kievit en Kokmeeuw halen er nu wel grote aantallen. Voor de meeste soorten die er vroeger in hoge aantallen voorkwamen, merken we echter geen globale daling over alle bestudeerde gebieden samen. De omliggende gebieden hebben het verlies dus opgevangen. Dit is echter niet het geval voor Fuut. Fuut haalde in 2013 wel verhoogde aantallen op de Kuifeend. Krakeend overschreed op de Kuifeend de Ramsar 1%-norm opnieuw, na twee jaar met lagere aantallen. Krakeend haalde in 2013 ook terug de natuurdoelen voor overwinterende vogels. Deze doelen werden eveneens niet gehaald door Slobeend, maar wel door Kleine Zwaan.